Doordenkers aller landen, verenigt u! (en spreekt…)

rode-boekjeVolgens mij was het Wittgenstein die al eens vaststelde dat het verkeerd gebruik van gewone taal en de daaruit voortkomende misverstanden eigenlijk ten grondslag lagen aan alle wijsgerige problemen. Soms lijkt het in de politiek net zo te werken. Iedereen babbelt een beetje langs elkaar heen. Daarom zal ik proberen het paradigma van de pragmatisch politicus op te stellen. Maar óók bruikbaar voor mijn linkse en rechtse maakbaarheidsvrienden. Dan kan ik met ze praten. Wel zo handig.

Het lijkt heel vaak in de politiek te gaan over eenvoudige zaken. Bent u voor of tegen wietgebruik? Bent u voor of tegen abortus? Bent u voor of tegen “Europa”? Hoewel de vorige drie vragen simpel lijken, liggen ze ten grondslag aan de fundamenten van de pragmatische politiek. Er is immers geen D66-er die wenst dat er zoveel mogelijk mensen abortus plegen. Noch ken ik de democraat die hoopt dat jan en alleman de hele dag blowend over straat loopt. En Europa? Ook Sophie in ’t Veld spreekt nog altijd haar moerstaal en het Wilhelmus fluit ze vermoedelijk moeiteloos mee.

Hoe komt het dan toch dat de standpunten van D66 juist op dit soort onderwerpen profilerend te noemen zijn? Ik denk dat het komt door het volgende mentale plan dat een pragmaticus afloopt voor hij/zij zijn mond open doet. Verstandig? Oordeelt u zelf.

  • Wat lijkt me juist voor de samenleving?
  • Is het mogelijk dit politiek te bewerkstelligen?
  • Is dit een taak van de overheid of van het individu/bedrijfsleven/ouders/scholen/priesters?
  • Met welke maatregel?
  • Beknot deze maatregel mensen in hun vrijheden?
  • Dan ga ik deze politieke mening maar eens uitdragen

[poll id=”7″]

Het lijkt een eenvoudig rijtje, maar in werkelijkheid gaat het nooit over deze afwegingen. Bijna altijd staat men als haantjes de voorste klaar om te roepen wat de burger móet of niet meer mág. Het lijkt me juist om vast te stellen dat de socialist en de christendemocraat een andere rol voor de staat zien weggelegd dan ik. Maar laten we er dan op díe manier over praten.

Het geven van decembercadeautjes aan kansarmen klinkt nuttig en leuk, maar als ik bovenstaand rijtje invul, loopt zoiets gewoon spaak. Politici moeten nog meer gaan denken in structurele oplossingen en niet in pleisters voor het bloeden. Evenzo mag de christendemocraat zijn ethisch reveille staken. Iedere burger van Nederland heeft het recht zijn eigen ethiek te bedrijven en als hij zich daarbij wil laten leiden door de dumpdeugden van Yolanthe mag dat ook. Als de overheid gaat bemoederen, wordt ze niet alleen ongeloofwaardig, maar zal ze ook merken dat ze het gewoonweg niet kán.

Soms ben ik wel blij met de economische crisis. Dan lijkt bij velen héél even het besef door te dringen dat niet alles met beleid op te lossen is. Héél even. Dan nemen Wouter en Jan-Peter weer het woord en wordt de leugen die maakbaarheid heet weer inzet voor de volgende campagne.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *